Stad Brussel woedend: Anderlecht mag zich nog aan gepeperde rekening verwachten

Foto: © photonews
De verloren bekerfinale van Anderlecht tegen Union heeft niet alleen sportieve schade veroorzaakt. Ook het Koning Boudewijnstadion liep donderdagavond opnieuw zware schade op. De Stad Brussel spreekt zelfs van "dramatische" taferelen na de Brusselse derby op Heizel.
Volgens de stad werden er na afloop tal van vernielingen vastgesteld, vooral in het vak van de Anderlecht-supporters. Zo raakten verschillende zitjes beschadigd, werden installaties vernield en ontstond er zelfs brand in de tribune tijdens de wedstrijd. De incidenten zorgen voor grote verontwaardiging bij het Brusselse stadsbestuur.
Tienduizenden euro's schade aan Koning Boudewijnstadion
Schepen van Sport Florence Frelinx reageerde bijzonder scherp in een officieel communiqué. “Dit is dramatisch”, klonk het. “Een jaar na de onaanvaardbare schade tijdens de vorige bekerfinale worden we opnieuw geconfronteerd met absoluut schandalige scènes.” Volgens Frelinx hebben zulke incidenten niets meer met voetbal of sportbeleving te maken.
De Stad Brussel wijst erop dat vorig jaar al voor ongeveer 70.000 euro schade werd vastgesteld na de bekerfinale. Een exacte raming van de nieuwe schade is er voorlopig nog niet, maar men vreest opnieuw voor een stevige factuur. De stad start nu met een volledige inventarisatie van alle vernielingen in en rond het stadion.
Frelinx begrijpt dat emoties hoog kunnen oplopen na een verloren finale, maar vindt dat geen enkel excuus voor vandalisme. “We kunnen sportieve frustratie begrijpen. Maar niets rechtvaardigt dat publiek eigendom wordt vernield.” Daarbij benadrukte ze ook het symbolische belang van het Koning Boudewijnstadion. “Het is het nationale stadion en de thuis van de Rode Duivels. Het behoort toe aan alle Belgen, supporters en sportliefhebbers.”
Rekening zal naar Anderlecht gestuurd worden
Vooral het feit dat er vuur werd aangestoken in de tribunes, zorgt voor extra onrust. Volgens de stad schaadt dergelijk gedrag niet alleen het imago van Anderlecht, maar ook dat van het Belgische voetbal in het algemeen. “Wanneer relschoppers denken dat het normaal is om stoeltjes te vernielen, brand te veroorzaken of een openbaar stadion te vandaliseren, dan beschadigen ze het beeld van hun club en van alle respectvolle supporters”, aldus Frelinx.
De boodschap vanuit Brussel is dan ook duidelijk: de stad wil niet opdraaien voor de kosten van de vernielingen. “De rekening zal naar de betrokken club gestuurd worden”, klinkt het streng. Volgens Frelinx moeten de verantwoordelijken hun verantwoordelijkheid opnemen. “Naar het stadion komen om je ploeg te steunen: ja. Komen om eigendom te vernielen en de Brusselaars te laten betalen: nee.”
Johan Walckiers








