Genk heeft lot niet meer in eigen handen: El Ouahdi spreekt klare taal
KRC Genk heeft zondag dure punten laten liggen in de strijd om Europees voetbal. Tegen Royal Antwerp FC bleef het steken op een scoreloos gelijkspel: 0-0. Daardoor hebben de Limburgers hun Europese lot niet langer volledig in eigen handen in de eindstrijd van het seizoen.
Vooral het gebrek aan efficiëntie voor doel speelde Genk parten. De thuisploeg kreeg voldoende mogelijkheden om de wedstrijd naar zich toe te trekken, maar slaagde er niet in om het net te vinden.
Volgens Zakaria El Ouahdi lag daar de sleutel van de avond. “We hadden heel veel kansen vandaag, maar de keeper heeft ze allemaal gepakt”, vertelde hij na afloop aan Sporza.
Hoop op Europa blijft leven
Door de overwinning van Standard is de situatie voor Genk een stuk moeilijker geworden. Standard neemt de leiding over en daardoor moeten de Genkenaren op de slotspeeldag niet alleen zelf winnen, maar ook hopen op puntenverlies van de concurrent.
Toch weigert El Ouahdi de handdoek te gooien. “We hebben nog één wedstrijd en we geloven nog altijd in Europees voetbal. In voetbal weet je nooit.”
De verdediger benadrukte dat verrassingen altijd mogelijk blijven in de competitie. Volgens hem moet Genk vooral focussen op de eigen prestatie en dan afwachten wat de concurrentie doet.
Fans blijven achter hun ploeg staan
Opvallend was vooral de positieve toon van El Ouahdi tegenover de supporters. Ondanks het teleurstellende resultaat denkt hij dat de fans de inzet van de ploeg konden appreciëren. “Voor de supporters is het belangrijk dat we alles geven en dat hebben we gedaan”, klonk het.
Toch dreigt voor Genk een scenario zonder Europees voetbal, iets wat sportief én financieel zwaar zou aankomen voor een club met hoge ambities. Europees voetbal zorgt niet alleen voor extra inkomsten, maar verhoogt ook de aantrekkingskracht voor spelers en supporters.
Na een seizoen met wisselvallige resultaten zou het missen van Europa dan ook als een flinke ontgoocheling aanvoelen in de Cegeka Arena. Maar zover is het nog niet.
Bjorn Vandenabeele








