Mika Godts zet de puntjes op de i over waarom hij niet speelde bij Belgische U21: "Zou arrogant zijn"


Foto: © photonews 03 maart 2026 10:30

De Belgische aanvaller Mika Godts blijft indruk maken in de Eredivisie, maar wacht nog steeds op zijn eerste oproep voor de Rode Duivels. Eind deze maand staan oefeninterlands in de Verenigde Staten op het programma, en zijn naam wordt steeds luider genoemd.

Godts begrijpt deels waarom een selectie nog niet kwam. “Naar mijn gevoel had het al gebeurd moeten zijn, maar dat zijn keuzes waarop ik geen invloed heb", zegt hij bij HUMO. “Wachten en blijven presteren: meer kan ik niet doen. Als ik deze maand word opgeroepen, zal ik blij zijn. Ook als het voor Jong België is.”

Godts zei af voor Jong België omdat hij zijn lichaam prioriteit gaf

De aanvaller weerlegt verhalen over arrogantie rond zijn afzeggingen bij Jong België. “Dat zou getuigen van een arrogantie die ik nooit heb gehad. De keren dat ik heb afgezegd, heb ik voorrang gegeven aan mijn lichaam. Ik zie het als een kracht dat ik die keuzes heb durven maken. Ik ben daar altijd transparant over geweest.”

Direct contact met bondscoach Rudi Garcia is er nog niet geweest. “Via via, niet persoonlijk. Er is me toen een gesprek beloofd, via de bond.” Met sportief directeur Vincent Mannaert is er dus contact via zijn zaakwaarnemer, maar dat gesprek heeft nog niet plaatsgevonden.

Heeft Godts een transfer nodig om echt in aanmerking voor Duivels te komen?

Godts benadrukt dat zijn focus bij Ajax ligt. “Mijn prioriteit ligt bij Ajax: als ik blijf presteren, zullen ze me wel oproepen", zegt hij. Hij gelooft dat consistent presteren belangrijker is dan spreken over een transfer naar een zwaardere competitie.

Over een mogelijke stap naar een grotere competitie zegt hij: “Dat speelt wel, denk ik. Het is máár Nederland: zo wordt vanuit België nog vaak naar de Eredivisie gekeken. Eigenlijk mag dat niet meespelen. Als je presteert, presteer je. Toen Johan Bakayoko kampioen was geworden met PSV, is hij ook opgeroepen – terecht.”

Johan Walckiers

 
 
Reacties.